2 oktober 2017 Michel Simons

Dit hoorde ik tijdens de NVJ-paneldiscussie ‘Kansen in de journalistiek’

Er was tijdens het NVJ-Festival voor de Journalistiek onder andere een paneldiscussie getiteld ‘Kansen in de Journalistiek’ over de vraag hoe je aan werk komt. Het panel bestond uit hoogleraar journalistiek en E52-oprichter Bart Brouwers, Dewi Lammerding van Cosmo en oud-Adformatie hoofdredacteur Astrid Prummel. Het hebben van een unique sellingpoint, flexibiliteit en ondernemerschap zijn volgens het drietal van groot belang.

Opvallen in de menigte

Een kleine vijftig festivalgangers blijven ervoor zitten. Vooral studenten en starters op de journalistieke arbeidsmarkt. Het begon praktisch met de vraag welke eigenschappen je moet hebben om meer kans te hebben op werk. Bart Brouwer raadt zijn studenten aan om in tenminste één ding ‘de beste van de wereld te zijn’. Hoewel hij zijn stelling direct relativeert door erbij te vertellen dat zijn studenten dat een te moeilijke opdracht vinden, benadrukt hij het belang van het opvallen in de menigte werkzoekers.

Flexibel zijn

Volgens Dewi Lammerding van Cosmopolitan is het van groot belang open te staan voor verandering. Want die gaat steeds sneller. Duurde de omschakeling van print naar online zeven jaar, ging de gang van tekst naar visuele content al veel sneller en zal de transitie naar interactieve content nog veel sneller gaan. Flexibel zijn is dus een must voor iedereen die de komende jaren in de journalistiek wil werken.

Journalistiek ondernemerschap

Daarnaast moeten beginnende journalisten volgens Brouwers ondernemender worden.
Als starter moet je het heft in eigen handen nemen en nadenken over vernieuwingen die je zelf op de markt kunt brengen. Alle opleidingen besteden inmiddels aandacht aan ondernemerschap, wordt vastgesteld. De focus ligt op de rol van freelancer of die van innovator. Dat is laatste geen gemakkelijke weg. Slechts een enkeling slaagt volgens Brouwers. Maar ook het falen vindt hij leerzaam.

Onderhandelen gebeurt te weinig

Het gesprek wordt onderbroken door een filmpje met de uitslag van een NVJ-enquête onder jonge journalisten. Slechts 19% blijkt tevreden over de beloning, meer dan de helft (52%) is ontevreden.
Plotseling zijn we niet meer op een festival over journalistieke innovatie, maar op een echte ouderwetse vakbondsavond van de NVJ. Want wat blijkt ook? Dat jonge journalisten niet onderhandelen met de werkgevers. En dat onderhandelen echt helpt. Brouwers sputtert nog dat hij nooit heeft onderhandeld, maar de toon is gezet. De lonen zijn te laag. Mensen werken voor niets en dat zou niet mogen. Brouwers: ‘Ik doe dit ook voor niks’.

Terwijl NVJ-jongerenvoorzitter Manon van den Brekel stelt dat wie de arbeidsmarkt op gaat merkt dat het zo somber nog niet is, is er voor optimistische klanken nu geen plaats. De stelling waarover moet worden gediscussieerd is ‘Ouderen zouden op de redacties plaats moeten maken voor jongeren’. Een geheid succesnummer bij jonge journalisten moeten de bedenkers gedacht hebben, maar het publiek trapt er niet in. De vakbondsretoriek blijkt te doorzichtig.

Foto credits: Sebastiaan ter Burg

Top